Koppeling van literaire competentie in de vreemde taal aan de moedertaal

FundedGeesteswetenschappenDDC 000 · General works

Ewout van der Knaap - Universiteit Utrecht

Abstract

In dit onderzoek wordt aan de hand van het schoolvak Duits onderzocht hoe de literaire competentie in het vreemde talen-onderwijs zich verhoudt tot het moedertaalonderwijs. Aan een aantal scholen wordt de literaire competentie van leerlingen onderzocht. Hoe verhoudt die zich tot de literaire competentie in het Nederlands? Gebruiken leerlingen kennis en inzichten uit hun moedertalige competentie? De samenleving hecht aan het belang van leesvaardigheid. Leerlingen die bewust en geëngageerd lezen, blijken betere leerstrategieën en leesprestaties te hebben (Pisa 2009a: 18-20). Er bestaat een onmiskenbaar verband tussen interesse in lezen, leerstrategieën en leesprestaties (Pisa 2009b: 28-30). Er is derhalve veel te zeggen voor een didactische koppeling tussen het moedertaalonderwijs en het onderwijs in de vreemde talen. Die ontbreekt echter veelal als het gaat om het literatuuronderwijs. De intrede van didactiek in de moderne vreemde talen die op communicatief handelen gericht is, heeft in de lespraktijk geleid tot verminderde aandacht voor literatuur. Dit staat haaks op inzichten dat het vrije lezen alle facetten van taalvaardigheid versterkt en dat literatuur input kan zijn voor talig handelen (Brumfit & Carter 1986). Een systematische aanpak van literatuur die rekening houdt met een doorgaande leeslijn naar de bovenbouw ontbreekt bij de moderne vreemde talen. Daartegenover staat dat in het moedertaalonderwijs het niveaumodel van literaire competentie dat door Witte (2008) is ontwikkeld veelal wordt ingezet. Op de website www.lezenvoordelijst.nl staan inmiddels de catalogi voor Nederlands en Duits en andere vreemde talen volgen. De methodiek van Witte wordt in dit onderzoek als ijkpunt voor literaire competentie gebruikt.